Arthur in Angol... 的个人资料Arthur in Angola照片日志列表更多 ![]() | 帮助 |
|
11月30日 Even in Nederland
Tussen 8 december en 21 december ben ik weer eens twee weken in Nederland. Het lijkt me leuk je in die tijd te zien. Als je wilt, laat me weten wanneer we wat kunnen afspreken. Ik ben in NL bereikbaar op mijn oude nummer: 06-43960599.
Mijn tijd in Angola zit er overigens bijna op. In februari vertrekken Jojanneke en ik uit het land waar we zoveel van zijn gaan houden. Om de terugkeer naar het “echte leven” uit te stellen, en om van de vrijheid en dit continent te genieten gaan we eerst drie maanden reizen alvorens we ons vanaf mei 2009 weer voor wat langere tijd in Amsterdam proberen te settelen.
Hopelijk tot snel,
Groet,
Arthur
11月23日 Binnenlandse vluchtDe laatste tijd reis ik regelmatig voor mijn werk de stad uit en de provincie in. Dat bevalt me uitstekend, want niet alleen krijg ik een onderbreking van de chaos, files, kabaal, stof en stank die mijn dagen in Luanda kleuren, ik krijg er mooie natuur, lucht die je kan inademen, vriendelijke en fotogenieke mensen, kalmte, leuk werk, afwisseling, en bovenal avontuur voor terug. Vaak vindt het avontuur plaats op reis van de stad naar land, of zoals laatst op de weg terug. Ik was een week in Chitato in Lunda Norte, in het noordoostelijke puntje van Angola geweest, 5km van de grens met Congo. Ondanks dat dit een diamant-gebied is, en er dus veel geld te verdienen is, vliegt er maar één luchtvaartmaatschappij naartoe, die bijgevolg kan wegkomen met de slechtste kwaliteit voor de hoogste prijs.
Hun vliegtuig is een stokoude Russische Antonov, wiens aanwezigheid in Angola een overblijfsel is van Angola´s communistische experiment ten tijde van de koude oorlog. Naar verluidt was het toestel het vroegere privévliegtuig van de president van Albanië, die hem niet goed genoeg meer vond. Het grote voordeel van deze Antanov was dat ze slechts een paar honderd meter startbaan nodig hebben om vervolgens bijna loodrecht cirkelend te kunnen opstijgen, en zo dus minder makkelijk werden neergeschoten door de rebellen die buiten de stad in de bush zaten. Maar voor een reiziger in vredestijd is er nog maar moeilijk een voordeel te ontdekken. De ingang van de Antonov zit is in de buik van het vliegtuig, via een uitklapbare trap zoals je die soms op zolders ziet. Vervolgens werd ik begroet door een fotomodel (stewardess), en zwerm vliegen, de stank van rottend fruit, een walm van urine, en door de opluchting dat ik een van de weinige overgebleven stoelen mét rugleuning wist te bemachtigen.
Voor het opstijgen controleerden we of de stewardess de trap wel ingehaald had, want een medepassagier wist te vertellen dat tijdens zijn vorige vlucht slechts een schrapend geluid tijdens het taxiën haar had helpen te herinneren dat alle deuren van een vliegtuig gesloten horen te zijn.
We zouden één tussenlading maken in Saurimo in Lunda Sul voor extra kerosine, om vervolgens direct naar Luanda te vliegen. Het tankstation van Lunda Sul bleek self-service te zijn, want de piloot klom zelf op te vleugen om te tanken. De co-piloot was ondertussen druk aan het telefoneren. Toen hij klaar was vroeg hij om aandacht. “Geachte passagiers, wij vragen uw begrip. We kregen net een telefoontje van een baas, en we moeten éérst in Canfunfo [terug in Lunda Norte] landen voor we naar Luanda gaan” En als een hoge pief, hoogstwaarschijnlijk iemand met zeggenschap over de vlieglicentie van de maatschappij en/of het salaris van de piloot, zoiets vraagt kun je maar beter gehoorzamen. Canfunfo bleek een plaatsje omringd met diamantmijnen, die je herkent als héle grote zandbakken midden in het bos. Toen we op de gravel landingsbaan tot stilstand kwamen, reed er een grote zwarte auto met geblindeerde ramen op ons af waar een grote dikke man in pak, met flinke snor en twee koffers uitstapte. Ik voelde de neiging om een wedje om de inhoud van de koffers met de man aan te gaan om wat er in zat, maar de aanblik van de militairen om hem heen deed me er van afzien. Toen ik in Luanda zag dat ook de altijd nieuwsgierige douanebeambten ervan afzagen de documenten en bagage van de baas te controleren, bedacht ik dat ik me waarschijnlijk wijselijk in had gehouden. 11月2日 Geld stinkt.“Geld stinkt” is niet een uitdrukking die ik in Angola ooit gehoord heb. Integendeel, zij die het hebben laten het juist graag breed hangen. En zij die het amper hebben trouwens ook. Alomtegenwoordig zijn de voorbeelden van mannen die alle poen de ze verzameld hebben stoppen in een blinkende auto, die vervolgens dagelijks minutieus gepoetst wordt. Maar de auto parkeert ie iedere dag voor een krot, waar hij met zijn vrouw en kinderen zonder elektriciteit, water en sanitaire voorzieningen, maar wél met een grote TV en stereo in woont. En de vrouwen die van niet meer dan twee dollar per dag leven weten zich wel iedere dag als prinsessen te kleden, in een stad waar een simpel jurkje minimaal 50 dollar kost.
Maar waar de Nederlanders soms zéggen dat geld stinkt, kunnen de Angolezen het ook echt ruiken. Letterlijk. Vorige week was ik in een van de duurste privéklinieken van Luanda, en ik zocht er het kleinste kamertje op voor een grote boodschap. Na gedane zaken merkte ik dat er geen WC-papier was. Wat me uiteindelijk redde was mijn portemonnee met daarin briefjes van 5 en 10 Kwanza (5 en 10 ct). Toen ik later met een mix van schaamte, verbazing en ook wel trots mijn daden in de dure kliniek opbiechtte, bleek mijn gehoor allerminst geschokt. Vrienden die op het hoofdkantoor van de Verenigde Naties in Luanda werken hebben al maanden geen WC-papier meer, en komen tot dezelfde oplossing als ik. Er ontstond zelfs een verhitte discussie over welk type bankbiljet de voorkeur heeft: 5 Kwanza (goedkoper, nieuwere briefjes, schoner, harder, knisperend) of 10 Kwanza (duurder, oudere briefjes, viezer, zachter, licht absorberend). Welke het ook is, één ding staat als een paal boven water. Het is bewezen. Geld stinkt. In ieder geval in Angola. |
|
|